Uitzicht

Dit zie ik momenteel iedere middag als ik uit het raam kijk. Regen, regen, regen, en niet zo’n klein beetje ook. Het is hier momenteel moesson. Dat houdt in dat de dag meestal zonnig en warm begint, en dat het tegen de middag begint te betrekken. Zo rond een uur of vier barst er een onweer los, dat maak je in Nederland niet mee. Dan komt me er toch een plens water naar beneden! De kranten staan vol van alle narigheid die dat met zich mee brengt: overstroomde huizen, gaten in de wegen, erosie op de hellingen. En iedere avond file, vanwege ondergelopen weggedeelten. In theorie zou ik in een half uur van mijn werk naar mijn hotel kunnen komen, maar de laatste weken is het steeds meer dan een uur, soms anderhalf.

Mijn opdracht heeft wel wat weg van bovenstaande plaatje. Het begon allemaal zonnig en warm, maar de laatste tijd begint het aardig te betrekken. Ik word geacht een teststrategie op te stellen, die moet vastleggen hoe de EDI-afdeling, zoals ik ze maar even zal noemen, haar testproces moet inrichten. Appeltje, eitje, zou je denken. Schrijf de betreffende hoofdstukken uit TMap over, gooi er een  afdelingssausje over en klaar is Kees. Dat moet toch in een weekje of twee, drie gepiept zijn.
Nu had ik het sowieso al wat serieuzer aangepakt, maar de werkelijkheid is hier nog een stuk weerbarstiger. Vooral omdat ze hier allemaal druk, druk, druk zijn. Dat betekent dat ze dus NOOIT tijd voor je hebben. Ik vind, serieus, dat een teststrategie van een afdeling ook echt door die afdeling omarmd moet worden. Het moet bij ze passen als een lekkere warme winterjas (nou ja, ‘warme winterjas’ is hier in Maleisië niet zo van toepassing, maar je begrijpt wat ik bedoel). Daarom heb ik geprobeerd, na allerlei gesprekken en een paar audits, een basisconcept op  te stellen, waarop alle betrokkenen vervolgens hun commentaar konden geven. Een paar commentaarrondes eroverheen en dan ligt er een stuk waar iedereen zich bij thuis voelt. Goed plan, toch?
Maar dat werkt hier niet. Gewoon omdat je op alle verzoeken niets terug krijgt. En als je dan persoonlijk bij iemand langs gaat en uitdrukkelijk om commentaar vraagt, dan krijg je te horen: ‘Nu even heel druk, maar morgen, na het weekend, volgende week, heb ik wel tijd: dan krijg je mijn reactie.’ Dat gaat volgende week precies zo 🙁
De enige van wie ik wel snel een reactie kreeg, en nog een positieve ook, was het hoofd van het Center Of Excellence Development: een Amerikaan, zelf tester, tienduizend kilometer verderop in het Europese hoofdkantoor.

Nou ja, via allerlei flarden, wandelgangen, halve commentaren, gezond verstand, terugkoppeling met thuisbasis Polteq, mijn kritische rechterhand Su, mijn veeleisende baas Thomas, enzovoort, heb ik zo goed en zo kwaad als ging, naar beste eer en geweten, een – volgens mij – heel aardige, op de afdeling toegesneden teststrategie in elkaar geschroefd. Die stuurde ik twee weken geleden aan alle betrokkenen rond, met de mededeling dat ze tot midden afgelopen week commentaar konden leveren, daarna zou ik het stuk toch echt definitief moeten maken. Komende woensdag immers staat er een meeting met het wereldwijde senior management gepland, waarin de strategie klip en klaar moet worden gepresenteerd. En de week daarop beginnen de implementatie workshops.
Vorige week maandag een reminder gestuurd: niets. Vorige week woensdagochtend nog een reminder gestuurd: twee reacties – akkoord met een paar aangepaste zinsneden. Deadline verstreken, dus definitief maken, zou je zeggen. Nou, nee, dus.

Donderdagmiddag kwam er ineens een mailtje uit de lucht vallen van een baasje uit Amerika. Hij vindt het allemaal maar zo-zo: veel te theoretisch, veel te algemeen, niet concreet genoeg op de eigen afdeling toegespitst. Zijn idee van een teststrategie is een kookboek, dat je een willekeurige IT-er in de hand kunt drukken, waarna er vanzelf een gelikt, professioneel testproces uitrolt, dat meteen even alle ontwikkelproblemen ondervangt en liefst ook oplost. Al dat theoretische testgeneuzel, daar kopen we hier niets voor, kost alleen maar geld. En testopleidingen? Hebben we geen tijd voor, er moet gewerkt worden!

In mijn naïviteit dacht ik nog even: tien voor, één tegen, dan gaan we toch gewoon verder?
Maar zo werkt het hier niet. All animals are equal, but some animals are more equal than others. Gevolg: ik heb eerst een uur met hem aan de telefoon gehangen en vervolgens het hele weekend doorgewerkt aan een nieuwe, veel concretere versie. Naar mijn idee wordt het er niet beter op, want voor een strategie veel te gedetailleerd, te dik, te onderhoudsgevoelig, te gebruiksonvriendelijk, te rigide. Maar dat is allemaal tegen dovemansoren gezegd.
Maandagmorgen lag er een nieuwe versie. Mijn baas vond het een grote stap voorwaarts. Hij ging het bespreken met het afdelingshoofd (die nog steeds in gebreke was gebleven om zelf commentaar te leveren). Afdelingshoofd akkoord, die had alleen een change all gedaan van ‘client’ in ‘Business Proces Owner’, lekker spannend. Toen, aan het eind van de middag vanwege het tijdverschil, de call met onze man in Amerika. De conclusie kreeg ik te horen via een telefoontje van mijn baas: morgenochtend direct weer verder werken aan een nieuwe versie; hij heeft een aantal wijzigingen aangegeven die erin moeten worden verwerkt. Tja, daar sta je dan met je goede bedoelingen. Ik tel tot tien en denk: ‘De klant heeft altijd gelijk’, daar is ie klant voor…

Zucht. Als ik uit het raam kijk, dan past de regen precies bij hoe ik me nu voel. De echte moesson duurt nog tot december. Hoe lang gaat mijn regentijd duren?

4 gedachten over “Uitzicht

  1. Hoi Hans,

    Ik herken wel een aantal van jouw punten in de periode dat ik voor hetzelfde bedrijf een opdracht heb gedaan. Iedereen is erg druk en toen het op reviewen aankwam van belangrijke ontwerpspecificaties kwam er bijna geen respons.
    (en ik had de schone taak om het review commentaar te verwerken en beoordelen, gevalletje SDTM 🙂 )
    Het motto ‘wie zwijgt stemt toe’ blijkt echter niet op te gaan, als je het niet meer verwacht komt er ineens het nodige commentaar vanuit diverse contreien dat meteen een bom legt onder de projectplanning en scope.
    Dus weer heel wat discussies over scope, architectuur, etc. en iedereen verdwijnt als sneeuw voor de zon in ad-hoc meetings waardoor je als externe medewerker een beetje een Remi-gevoel krijgt.

    Ik hoop voor je dat het niet te lang blijft regenen!

    Groeten,
    Douwe

    • Hoi Douwe,

      Bedankt voor je commentaar.
      Ik dacht al dat het aan mij lag, maar je had dus precies dezelfde ervaring!
      BTW: vandaag was het een redelijk droge dag, letterlijk en figuurlijk.

      Groeten,
      Hans

  2. Normaal gesproken zou ik al lang bij zo’n lastige klant (sory, bpo) zijn langs gegaan, maar ja deze woont wel ver weg….
    En in zo’n internationale club moet je ook iets met cultuurverschillen: een overall verhaal (de strategie :-)) en per land of regio een specifieker stuk bv.?

    • Tja, langsgaan kan niet vanwege een bedrijfsbreed verbod op ‘onnodige’ reizen (ook hier bezuiniging!).
      En cultuurveschillen per land zijn niet aan de orde. De afdeling waarvoor ik werk heeft mensen over de hele wereld zitten; hun afkomst heeft vaak niets te maken met het land waar ze werken. De manager in Amerika waarover ik het had, is van oorsprong een Indiër (geloof ik), en mijn afdelingshoofd hier in Maleisië is een Engelsman van Pakistaanse afkomst.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *